Hemelse schlagers in de Canisiuskirche

alexanderplatz.nl

Zes dagen per week, vier uur per dag. Thomas houdt toezicht in de Berlijnse St. Canisiuskirche. Meestal in stilte, maar soms mag hij zijn stem laten weergalmen in de sacrale ruimte.’Mooi vind ik de kerk niet, maar ik ben hem gaan waarderen.

Hemelse Schlager
‘Weet je dat Costa Cordalis gister is overleden?’ Ik word aangesproken door een man die aan de zijkant van de Canisius Kirche aan een tafel zit. Voor hem ligt de BILD Zeitung en rondom hem zijn bidprentjes en folders uitgestald. Hij wijst op een foto op z’n krant en vervolgt: “Costa Cordalis van Anita.’ Prompt begint hij te zingen. Daar waar normaal goddelijke klanken klinken weergalmt ineens een volkstümliche Schlager door de sacrale ruimte.
De man is blij dat ik er ben, omdat het de stilte doorbreekt. Hij stelt zich voor als Thomas: ‘Sinds een paar jaar zit ik hier zes dagen per week, vier uur per dag. Dat moet van het Arbeitsamt, in ruil voor mijn uitkering die ik zo met 120 euro per maand kan aanvullen. Ze lieten me de keuze in welke kerk ik toezicht wilde houden. Zo kon ik bijvoorbeeld ook naar de kapel van Schloss Charlottenburg, dat leek me wel iets. Maar deze kerk is bij mij om de hoek, hier kan ik te voet naar toe, dus ik koos hiervoor.

Ineens galmt Anita door de sacrale ruimte

Op een gemiddelde dag komen er zo’n vier mensen, de meesten om te bidden in de Mariakapel, maar soms bezoekt iemand de kerk om hem te bezichtigen. ‘Dat vind ik leuk, want dan kan ik praten!’ Thomas staat op, loopt naar een folderrek bij de ingang en pakt er een boek uit.  Al bladerend: ’Kijk de vorige kerk, die na de Tweede Wereldoorlog gebouwd werd is in 1995 volledig in rook opgegaan. Twee jongens speelden met lucifers, waardoor het gebouw vlam vatte. Daarna heeft de parochie geld ingezameld voor een nieuwe kerk en daarbij hebben ze gekozen voor een modern, niet traditioneel ontwerp van de Berlijnse architect Claus Neumann.’ 

St. Canisiuskirche Berlin

Thomas: ‘Zeg nou eens eerlijk, het ontwerp wijkt zo af van wat we gewend zijn dat je het gebouw als je ervoor staat toch niet als kerk herkent? Ik niet in ieder geval, want bij mijn eerste bezoek liep ik er zo aan voorbij. Mooi vind ik het nog steeds niet, maar ik ben het gaan waarderen.’

Uit de as herrezen
Thomas wijst ineens omhoog. Boven ons hoofd hangt een meer dan levensgrote sculptuur van Christus aan de wand. De  figuur lijkt als een spin tegen de muur op te klimmen. ‘Dat beeld van Jezus hing ook in de oude kerk. Door de hitte van het vuur is het metaal zacht geworden en is hij meer gaan hangen. Ik snap er niks van. Deze Jezus is zwart, maar Christus was toch niet zwart?’ Meewarig beent hij naar de andere kant van de ruimte richting het altaar en blijft op een bepaald punt staan. De man verheft zijn stem en begint te zingen. “Hoor je het?’ vraagt hij enthousiast tussen het zingen door. Precies bij het altaar zit een kleine verhoging in de vloer die je amper kunt zien. Hier is de akoestiek het best en als de priester spreekt of zingt dan is hij voor iedereen verstaanbaar, zonder dat zijn stem door een microfoon versterkt hoeft te worden.’ Achter Thomas hangt een schilderij, een gouden vierkant, die gemaakt is door de Berlijnse kunstenaar Winfried Muthesius en een beetje beschadigd is. ‘Daar is de pastoor niet blij mee, want dat is geen verf wat je ziet, maar bladgoud. Deze man heeft ook de kruiswegstaties hier in de kerk gemaakt.Ze beelden niet Jezus’ lijdensweg uit maar de weg die wij afleggen vanaf onze geboorte tot de dood.’

We lopen terug naar de tafel en gaan zitten: ‘De pastoor zie ik trouwens ook niet zo vaak, hooguit twee minuten per maand, maar dat vind ik niet erg.’

‘Ik vind het maar raar zo’n zwarte Jezus aan de muur. Christus was toch niet zwart!?’

Uitgerangeerd
‘Weet je, dit werk is goed voor mijn hart. Vroeger werkte ik als toezichthouder in het u-bahnstation Adenauerplatz. Dat deed ik vanaf de eerste dag dat het station opende in 1978 tot mijn baan werd  uitgerangeerd door de moderne techniek in de jaren 90.
Dag en nacht stond ik op het perron in zo’n hokje achter glas. Als de u-bahn arriveerde  moest ik ervoor zorgen dat hij snel en veilig weer kon vertrekken. Nu wordt je automatisch toegesproken door een voorgeprogrammeerde stem: ‘einsteigen bitte’ als je in moet stappen en ‘zurück bleiben bitte’ als je niet meer in mag stappen, omdat de deuren dichtgaan. Vroeger schalde mijn stem over het perron en gaf ik het sein aan de machinist dat hij kon vertrekken. Je kunt je voorstellen dat ik in de loop der jaren heel wat verbale agressie te verduren heb gehad, omdat de deuren net dichtgingen op het moment dat iemand de trein nog probeerde te halen. Dat ervoer ik als stressvol. Net als de keer dat mijn leidinggevende me opdroeg om mijn haar af te knippen. Ik was fan van Deep Purple wat betekende dat mijn kleding en haardracht daarop afgestemd waren. Volgens mijn chef was mijn kapsel niet representatief, maar ik weigerde om naar de kapper te gaan. Natuurlijk waren er ook leuke kanten aan het werk. Doordat ik op een verhoging stond had ik een perfect zicht op het vrouwelijk schoon dat passeerde en niet zelden kwam het tot oogcontact of een vluchtige flirt.’

‘Nadat mijn werk was overgenomen door een computer werd ik op een zijspoor gezet’

‘Nadat een computerstem en camera’s op het perron ons werk hadden overgenomen werden mijn collega’s en ik op een zijspoor gezet. We moesten simpel en onbenullig kantoorwerk doen waar ik diep ongelukkig van werd en een burn out door kreeg, die resulteerde in de uitkering die ik nu heb. In ruil daarvoor zit ik een paar uur per dag in deze kerk en daar ben ik tevreden mee, want ik kan mijn krantje lezen, nadenken over mijn leven en zo af en toe heb ik een leuk gesprek met iemand zoals nu. Verder heb ik niet veel nodig, ook thuis niet. Ik rook, drink of snoep niet en leef eenvoudig. Als ik maar naar Deep Purple en andere muziek uit die tijd kan luisteren dan voel ik me goed.’ Thomas staat nog één keer op, wijst naar het orgel op het balkon van de kerk: ‘Voor normale orgels betaal je wel een miljoen euro, maar dit orgel komt uit Zwitserland en kostte maar 150.000 euro. Hij klinkt fantastisch, maar het parochiebestuur heeft nog geld nodig om hem te onderhouden.’ Terwijl hij dat zegt wijst hij op het offerandeblok waar met grote letters spende op geschreven staat. Thomas neemt tevreden afscheid en kruipt weer achter zijn tafel, om na te denken over het leven en uit te zien naar de volgende bezoeker met wie hij in gesprek kan gaan.

St Canisius Kirche
Witzlebenstrasse 30
14057 Berlin Wilmersdorf

Tekst en beeld: Rik Alexander

Recommended Articles

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *